Even voorstellen
Wij zijn Jan en Henny. In 2000 zijn we gestart met de bouw van Melody Ranch en in 2001 ontvingen we onze eerste gasten. In 1989 maakten we onze eerste reis naar Amerika. Daar ontstond onze passie voor de stoere houten gebouwen in de Rocky Mountains, die later de inspiratie vormden voor Melody Ranch.
Op 25 januari 2026 is Henny overleden aan galblaaskanker. Het levenswerk van Jan en Henny wordt voortgezet door hun zoon Jeffrey en schoondochter Marieke. Jan blijft betrokken bij Melody Ranch en woont nog steeds op de ranch. Op dit moment bouwt hij verderop op het terrein, aan de grote vijver, een kleinere woning.
Wij zijn Jeffrey en Marieke. Jeffrey is opgegroeid op Melody Ranch. Op 23 juni 2023 zijn we getrouwd en natuurlijk vierden we ons huwelijk op Melody Ranch. Op 22 maart 2025 is onze dochter Nori geboren. Op dit moment wonen we nog in het Canadese log home naast Jan, maar straks verhuizen we naar het log home van Jan en Henny op het terrein van Melody Ranch. Marieke verzorgt de administratie en ontvangt de gasten. Daarnaast werkt zij nog enkele dagen per week als paraveterinair dierenartsassistent. Jeffrey werkt als beeldbewerker (“image wizard”) bij Tiny Giants in Enschede en verzorgt samen met Jan het onderhoud van Melody Ranch.
“Hoe kom je toch op zo’n idee? Hebben jullie dit allemaal zelf gebouwd?” Die vragen kregen we vaak. Henny antwoordde dan meestal: “Jan is de bedenker en samen hebben we Melody Ranch gebouwd.” Graag vertel ik je hoe Melody Ranch is ontstaan.
De inspiratie
In 1989 maakten Henny en ik onze eerste Amerikaanse roadtrip. Inmiddels staat de teller op achttien reizen door de Verenigde Staten. We kwamen op plekken waar de gemiddelde toerist niet snel komt en bezochten ranches waar ook filmsterren en beroemdheden komen. Hier deden we onze inspiratie op. Voor het eerst zagen we daar de stoere houten huizen van boomstammen — de log homes — en de robuuste houten meubels, ook wel log furniture genoemd. Dat sprak me direct aan, al wist ik toen nog niet precies wat ik ermee wilde doen. Ik begon met het maken van log furniture en stond met mijn meubels op de beurs “Western Experience” in de Brabanthallen. Het eerste bankstel dat ik maakte, staat nog steeds in de gezamenlijke ruimte van Melody Ranch.
De naam Melody Ranch
“Waarom hebben jullie de accommodatie Melody Ranch genoemd? En hebben jullie ook iets met paarden?”
Die vraag krijgen we vaak. Nee, we hebben niets met paarden, maar wel alles met de Amerikaanse western lifestyle en de sfeer van het Wilde Westen.
Naast mijn passie voor Amerika had ik ook een grote passie voor muziek. In de jaren 80 was ik zanger in een coverband en trad ik op in grote discotheken door heel Nederland.
Toen ik wilde kijken of de naam Melody Ranch nog beschikbaar was, bleek alleen de .nl-extensie nog vrij te zijn. In Amerika was de naam al verbonden aan de historische filmstudio Melody Ranch Motion Picture Studio, bekend van haar iconische westernfilmsets.
De legendarische “zingende cowboy” Gene Autry kocht de ranch in 1952 en gaf deze de naam Melody Ranch. Later bouwde hij de ranch uit tot een succesvolle televisiestudio.
Ik vond het bijzonder dat een andere muzikant ooit op dezelfde naam was gekomen. Daarom heb ik de naam vastgelegd met de Nederlandse .nl-extensie. In 2017 hebben Henny en ik Melody Ranch Motion Picture Studio bezocht op dat moment werden er net filmopnames gemaakt voor de film Westworld.
Hoe kom je op zo'n idee?
De toenmalige gemeente Den Ham (nu deel van de gemeente Twenterand) had recreatie als speerpunt van beleid. In de structuurvisie had men twee voorkeurslocaties aangewezen voor toekomstige recreatie.
Ik las in onderzoeken dat groepsaccommodaties populair waren. Dat moest het dus worden, en dan in de stijl van een Amerikaanse ‘guest ranch’. Met zo’n bouwstijl zouden we uniek zijn in Nederland. En in marketing draait het om “kiezen om gekozen te worden”.
Als we wat wilden gaan ondernemen in de recreatie, dan moesten we op één van die voorkeurslocaties grond bemachtigen. We hadden het geluk dat één van die gronden via de ruilverkaveling terechtkwam bij een vroegere buurman van Henny. Die wilde wel afstand doen van zijn grond, we moesten dan elders een groter stuk agrarische grond voor hem kopen.
De gemeentelijke perikelen
Voordat er überhaupt een bestemmingsplan gemaakt kon worden, wilde de gemeente eerst een ondernemingsplan zien. De ambtenaar adviseerde ons om dat vooral niet zelf te schrijven, maar contact op te nemen met een groot adviesbureau zoals Deloitte & Touche.
Ik kreeg al snel het gevoel dat het briefpapier van zo’n bureau belangrijker was dan de inhoud van het plan zelf. Toch ging ik in gesprek met verschillende adviesbureaus. Eerst moest ik uitleggen wat een guest ranch eigenlijk was en wat ik bedoelde met Amerikaanse begrippen als log homes en westernstijl. Al snel merkte ik dat niemand ons verhaal beter kon vertellen dan wijzelf.
In het woord ondernemingsplan zit niet voor niets het woord ondernemer. Onder het motto “eigenwijs is ook wijs” besloot ik daarom het ondernemingsplan zelf te schrijven. Onze boekhoudster verwerkte de financiële onderbouwing in het plan, gebaseerd op cijfers van bestaande groepsaccommodaties. Mijn gedachte was simpel: als gewone groepsaccommodaties al succesvol konden zijn, dan moest een unieke accommodatie zeker bestaansrecht hebben.
Toen ik het ondernemingsplan met mijn eigen ontworpen kaftje inleverde bij het gemeentehuis, ontstond er lichte paniek. De gemeente moest het plan nu echt inhoudelijk beoordelen en stuurde het daarom alsnog door naar Deloitte & Touche in Leusden. Het plan kwam terug met een negatief advies.
Toevallig had de man van onze boekhoudster een hoge functie bij hetzelfde kantoor en hij had ons ondernemingsplan eerder al doorgenomen. Volgens hem was er met een te sterke “horeca-bril” naar ons plan gekeken.
Ik besloot daarop rechtstreeks contact op te nemen met de medewerkster die het plan had beoordeeld. Dat gesprek verliep eerst stroef, maar veranderde compleet toen duidelijk werd hoe ik aan mijn informatie kwam. Uiteindelijk volgde er een gesprek bij ons aan de keukentafel in Den Ham.
Dat gesprek leidde tot een nieuw advies richting de gemeente:
“Als u bang bent dat het de ondernemer alleen te doen is om een woning in het buitengebied, laat hem dan eerst de zakelijke gebouwen realiseren en daarna pas de bedrijfswoning.”
Daar konden wij prima mee leven.
Toch bleef de gemeente kritisch. Omdat wij ook zakelijke overnachtingen en vergaderingen wilden aanbieden, wilde de wethouder exact weten welk deel van de inkomsten zakelijk zou zijn en welk deel recreatief. Het werd steeds duidelijker dat onze wildwestplannen niet direct pasten binnen het beeld dat men had van recreatieontwikkeling.
Uiteindelijk schakelden we ook De Jong & Laan Accountants in. Zij bekeken dezelfde cijfers en kwamen juist met een positief advies. Daarmee lagen er ineens twee positieve adviezen van onafhankelijke partijen.
De gemeente gaf uiteindelijk medewerking aan de plannen, maar stelde één belangrijke voorwaarde: de bedrijfswoning mocht pas later gerealiseerd worden. Volgens het college konden we het recreatiebedrijf voorlopig prima runnen vanuit onze tijdelijke huurwoning in het dorp. Toen ik aangaf dat ze mij dan niet moesten bellen als het naastgelegen Zandstuvebos zou afbranden door roekeloos gedrag van gasten, begonnen ze iets meer in onze richting te bewegen.
De burgemeester en wethouders opperden vervolgens dat wij dan maar in een caravan op het terrein moesten gaan wonen. Ik grapte nog dat ik geen Frans Bauer was en bovendien nog nooit een witte caravan had gezien op een Amerikaanse ranch. De reactie was of ik er dan niet gewoon een paar planken omheen kon timmeren.
Dat gaf wel aan hoe weinig begrip er op dat moment was voor onze plannen en voor het unieke concept waarmee wij ons wilden onderscheiden.
Ondertussen trok de bank zich terug uit het project. Precies waar de gemeente waarschijnlijk al op had gerekend. Maar Henny en ik besloten door te gaan. We hadden inmiddels onze woning verkocht en besloten minder grond aan te kopen zodat we toch de start konden maken met eigen kapitaal.
Zelf bouwen zonder ervaring
Zonder bouwervaring begonnen we aan het eerste gebouw. Omdat we nog wachtten op vergunningen, bouwde ik onderdelen alvast in de garage van mijn vader. Die delen vervoerde ik met een aanhanger naar het terrein, waar alles als een soort bouwpakket in elkaar werd gezet. Tegenwoordig zou men dat modulaire bouw noemen.
Ondertussen trad ik nog steeds op als zanger-toetsenist en werkte Henny als administratief medewerkster. Vrijwel al ons inkomen ging rechtstreeks terug het project in. Henny werkte daarnaast gewoon mee op de bouw.
Het eerste gebouw dat we realiseerden was onze tijdelijke woonvoorziening. Tegenwoordig is dit de gezamenlijke ruimte van de groepsaccommodatie. De fundering heb ik zelf gemetseld, terwijl Henny het cement draaide en naar mij toe bracht.
In het verleden had ik een tijd gewerkt in de stalinrichting. Dankzij die ervaring kon ik ook het installatiewerk grotendeels zelf aanleggen.
Later vonden we alsnog een bankdirecteur die vertrouwen had in wat we inmiddels met eigen middelen hadden opgebouwd. Daardoor konden we verder met de bouw van de grote groepsaccommodatie.
Amerikaanse dromen worden werkelijkheid
Voor de groepsaccommodatie bezochten we verschillende log home-bedrijven aan de oostkust van Amerika. Uiteindelijk kochten we het log home-pakket bij een bedrijf in Pennsylvania. Tijdens die reis reden we ook nog door naar Texas om lampen en westerndecoratie in te kopen. Alles werd vervolgens samen verscheept naar Nederland.
Op de ranches die we in Amerika bezochten stond vaak een oude blokhut: de zogenaamde homestead. Dat idee wilde ik ook verwerken op Melody Ranch.
Ik kwam in contact met een man uit Colorado die traditionele blokhutten bouwde en restaureerde. Ik ging zelfs een tijd bij hem in de leer om het vak te leren. Terug in Nederland bouwde ik met boomstammen van de Veluwe onze eigen cabin, volledig in de stijl van de eerste Amerikaanse pioniers.
Henny en ik hebben alle stammen met de hand geschild en met touwen op hun plek getrokken. De hoekverbindingen hakte ik met de hand uit met een bijl.
Ondertussen arriveerde ook de grote container uit Pennsylvania. Langzaam ontstonden de contouren van de imposante groepsaccommodatie met de karakteristieke veranda’s die vandaag de dag nog altijd het gezicht van Melody Ranch bepalen.
De bedrijfswoning
Toen we eenmaal hadden aangetoond dat we voldoende inkomen konden genereren, kregen we toestemming om de bedrijfswoning te bouwen.
Tijdens onze roadtrips door Amerika hadden we veel inspiratie opgedaan en documentatie verzameld van verschillende log home-modellen. Ik wilde ons huis daarom zelf ontwerpen. Nederlandse architecten waren destijds nauwelijks bekend met deze bouwwijze en met praktische zaken zoals containermaten waar je rekening mee moet houden bij transport.
Via een kennis leerde ik technisch tekenen in AutoCAD. Mijn digitale ontwerp leverde ik vervolgens aan bij een architect, die er eigenlijk alleen zijn logo en bedrijfsgegevens aan toevoegde. Anders had de gemeente waarschijnlijk opnieuw moeilijk gedaan.
Met de tekeningen onder mijn arm vertrok ik in 2005 naar Canada om een geschikte log home-bouwer te zoeken. Henny kon deze keer niet mee vanwege haar werk. Tijdens die reis bezocht ik opnieuw diverse ranches in zowel Canada als Amerika.
Uiteindelijk werd ons huis gebouwd door Lake Country Log Homes uit British Columbia. Het huis is gemaakt van massieve Red Cedar-boomstammen afkomstig van Vancouver Island. In 2007 werd het complete pakket in containers naar Nederland verscheept, waarna Henny en ik het huis samen hebben afgebouwd.
Ons Canadese log home is de blikvanger van het terrein en direct zichtbaar wanneer je onder de ranchpoort doorrijdt. Het log home is inmiddels meerdere keren gebruikt als foto- en filmlocatie voor professionele merken, artiesten en televisieopnames.
Waar zijn jullie zoals geweest in Amerika?
Op onze roadtrips bezochten we diverse guest ranches (dude ranches) om inspiratie op te doen. Op zulke ranches krijgen stedelingen de kans om op een echte ranch vakantie te houden, waarbij men o.a. kan overnacht in blokhutten. En op sommige ranches draai je gewoon mee met de cowboys. Alle blauw gekleurde staten op onderstaand kaartje van Amerika hebben we bezocht en we zijn ook op diverse ranches in Canada geweest.
Auteur: Jan Entjes
Het zaadje is geplant
.
Massieve houten huizen gemaakt van boomstammen, die je o.a. ziet in de Rocky Mountains. Daar wilde ik iets mee, maar ik wist niet precies wat. Meubels maken in die stijl, misschien.”
Ondertussen keek Entjes ook vol belangstelling naar het verschijnsel guest ranch (of dude ranch). Daarbij krijgen stedelingen de kans om eens op een echte ranch vakantie te houden, waarbij men kan overnacht in blokhutten. Via internet heb ik bij heel veel van die guest ranches informatie opgevraagd. De mooiste bedrijven pikte ik eruit en daar ging ik in de vakantie met mijn vrouw Henny en de kinderen Jeffrey en Darryl een kijkje nemen. We waren er al vrij snel van overtuigd dat we iets moesten gaan doen met recreatie. Ik las in onderzoeken dat groepsaccommodaties het heel goed deden. Dat moest het dus worden, en dan in Amerikaanse stijl. Toen ben ik hier eens met de gemeente gaan praten.
De toenmalige gemeente Den Ham (nu deel van de gemeente Twenterand) had in het buitengebied twee locaties aangewezen voor toekomstige recreatie, de gemeente had ook nog eens recreatie als speerpunt. Entjes had het geluk dat één van die gronden via de ruilverkaveling terechtkwam bij een vroegere buurman van Henny. Die wilde wel afstand doen van zijn grond, als Entjes elders een groter stuk agrarische grond voor hem zou kopen. Nu was het zaak de bestemming te wijzigen. Ondanks tegensputteren van de gemeente werd een door Entjes zelf opgesteld ondernemingsplan goedgekeurd. Ook de financiering kwam rond: de bank wilde financieren op voorwaarde dat er een bedrijfswoning bij kwam. Entjes: “Alleen maar investeren in recreatieve gebouwen was geen optie voor de bank. De bedrijfswoning moest ook gerealiseerd worden, dat was het onderpand.”
De plannen leken van een leien dakje te gaan en Jan en Henny verkochten alvast hun huis in Den Ham. Maar daar gaf de gemeente wederom tegengas. Het zit Entjes nog steeds hoog. “Ze hadden natuurlijk gehoopt dat er op deze grond een groot recreatiebedrijf uit de grond zou worden gestampt. Iets bekends, zoals Landall. Maar daar kwam ik met mijn plannen, die ze behoorlijk vaag leken te vinden. En ze waren bang dat ik het enkel deed om een mooie woning in het buitengebied te mogen bouwen. Daarom legden ze de eis op dat ik pas in het derde jaar van de exploitatie een bedrijfswoning mocht bouwen. Toen kon ik de financiering op mijn buik schrijven en daar zaten we in onze huurwoning.”
Maar Entjes is er de man niet naar om bij de pakken neer te zitten. Hij besloot alvast 7.000 vierkante meter grond te kopen en nam een optie op de rest van de grond. “Na veel praten had ik van de gemeente toestemming gekregen om een tijdelijk woonvoorziening te bouwen in de vorm van een schuur / appartement. De noodzaak waarom ik per se bij het bedrijf moest wonen was nog steeds niet overgekomen.”
Zonder enige bouwervaring wist Jan samen met Henny en de kinderen uit Nederlands hout het eerste gebouw te realiseren: de schuur annex woonhuis. Inmiddels was ook een grote container uit Pennsylvania gearriveerd, als een grote legpuzzel paste de massieve balken in elkaar en langzamerhand ontstonden de contouren van de imposante groepsaccommodatie, met karakteristieke veranda’s. Tussen de bedrijven door ging Entjes nog een keer naar Colorado om daar te leren hoe je zelf een traditionele blokhut bouwt. “Ik heb daar geleerd alles met de bijl te doen, er kwam geen motorzaag aan te pas. Terug in Nederland heb ik van stammen van de Veluwe zelf zo’n hut gebouwd, en ook weer alles met de bijl gekapt.”
Uiteindelijk opende de groepsaccommodatie, met capaciteit voor twintig gasten, in 2001 zijn deuren. Het concept sloeg direct aan, vertelt Entjes. “Dankzij internet en het Centrum voor Groepsaccommodaties liep het al heel snel vol. We hadden echt iets anders te bieden dan gebruikelijk. Ons voorgevoel dat mensen altijd op zoek zijn naar iets bijzonders, werd hiermee bevestigd.”
Na drie jaar maakte het bedrijf een nette winst en toen mocht ook de volwaardige bedrijfswoning gebouwd worden. De woning gebouwd van massieve red cedar stammen van 35 tot 50 cm doorsnee werd de eyecatcher van het recreatiebedrijf. Als we in Amerika foto’s van de gebouwen laten zien dan denken ze dat ons bedrijf ergens in Amerika ligt vertelt Entjes. Dan hebben we toch bereikt wat we wilden, een kopie van een Amerikaanse guest ranch. Jan en Henny gingen echter niet uitrusten op één van de grote veranda’s, het was tijd voor een uitbreiding.
Entjes zag mogelijkheden voor een bescheiden vakantiepark met 33 woningen, deze keer werd gekozen voor een Canadese stijl. Samenwerking met een ontwikkelaar strandde na enkele jaren en zorgde voor veel frustratie. Vervelend, want dit keer leek de gemeente bijgedraaid en genegen om mee te werken. Samen met de gemeente stelde Entjes een mooi plan op voor ‘Canada Resort’, met een centrumgebouw, een fraaie vijver en veel aandacht voor het landschap. Het plan tekende Entjes zelf, net als de geplande huizen. Maar nog steeds moest er een ontwikkelaar gevonden worden. “ Ik had een schitterend ontwerp en bood echt iets anders dan de gebruikelijke parken. Met de groepsaccommodatie hadden we al aangetoond dat het werkt, dat deze stijl de mensen aanspreekt. Maar goed, net op dat moment kwam de economische crisis en geen enkele investeerder dorst nog risico te nemen.” Entjes vindt dat goede plannen vroeger of later gerealiseerd moeten worden. Het is dan ook geen toeval dat hij februari vorig jaar in contact kwam met investeerder Derk-Jan Hutten eigenaar van HV Bouwontwikkeling. Die was enthousiast en de twee partners gingen in zee, met O2-Planrealisatie als adviseur. Een gezamenlijke reis naar Canada leverde het ontwerp op voor fraaie houten recreatiewoningen van red cedar. Niet al te groot, want de gemeente stelde 300 vierkante meter als bovengrens.
“Ik dacht echt dat we er nu waren. Ik had een plan, een investeerder, een ontwikkelaar en een aannemer. Het waterschap had al toestemming gegeven voor de vijver. Maar toen ging de gemeente weer dwarsliggen. Want natuurlijk moest er wederom een bedrijfswoning komen voor een beheerder, en een centrumgebouw waar zaken als wellness en horeca ontwikkeld zouden kunnen worden.
O2 heeft een uniek concept ontwikkeld, waarbij de huisjes ook ingericht kunnen worden voor zorgbehoevenden. Daarbij moet worden samengewerkt met een zorginstelling, maar ik moet wel een opslag van materialen en hulpmiddelen bieden. Ook dat vraagt ruimte. Al deze plannen werden door de ambtenaar gewoon van tafel geveegd. ‘Kan niet, mag niet.’ Toen had ik er echt helemaal tabak van. Al die ambtenaren die gewoon maar afwimpelen en nee zeggen tegen iedereen die zijn hoofd boven het maaiveld uitsteekt.” Een telefoontje van de provincie gooide olie op het vuur: De provincie vond Canada Resort bijzonder en passend in het gebied. In de wijde omtrek vind je niet hetzelfde verhaal want daar hebben we al 10 keer genoeg van gezien gaf de provincie aan. Iedereen doet die makkelijke slag. Deze ondernemer zegt ik wil investeren in bijzondere dingen maar wel passend in het gebied. De ambtenaar van de provincie begreep echter niet waarom de gemeente toch bleef vasthouden aan het oude beleid van 250 m3. De provincie kijkt niet meer naar kubieke meter inhoud maten van een recreatiewoning maar naar een gebiedspassende oplossing gaf de ambtenaar aan. Waarom zou je op andere plekken in Nederland mooiere en ruimere recreatiewoningen laten ontwikkelen en zelf blijven vasthouden aan 250 m3. Met als gevolg dat er straks in Twenterand geen toerist komt omdat het daar beneden de maat is, niet luxe genoeg is, of niet specialistisch genoeg is.
Entjes vond dat hij structureel werd tegengewerkt en ondernam een drastische actie: hij maakte een website waarop hij zijn plannen puntsgewijs afzette tegen de gemeentelijke visie op recreatie. De enig mogelijke conclusie: de gemeente heeft de mond vol over recreatiebeleid, maar laat het afweten als het op daden aankomt. Dit zorgde voor reuring binnen de gemeente. Vanuit de politiek kreeg Entjes diverse bezoeken op zijn bedrijf. Mede door inzet van RECRON-regiomanager Jan ten Hoor en de mensen van O2 Planrealisatie kwam de ontwikkeling van Canada Resort op de politieke agenda. Entjes liet het onderhandelen met de gemeente verder over aan O2. Met een verrassende uitkomst: de vakantiehuizen mochten 375 m3 meter groot worden en ook het centrumgebouw en de gebouwen voor onderhoud en beheer mogen volgens plan gerealiseerd worden. Het goedkeuren van het bestemmingsplan is op het moment dat dit artikel verschijnt nog maar een formaliteit, naar verwachting kan volgend jaar juni de eerste schop de grond in. “De aanhouder wint”, stelt Entjes. “We hebben het uiteindelijk toch voor elkaar gekregen.”
De beleving van een Amerikaanse guest ranch in Overijssel
De Melody Ranch is een groepsaccommodatie die heel duidelijk insteekt op de beleving van de hedendaagse Amerikaanse guest ranch. Het complex bestaat uit vier gebouwen. Het begon in 2001 met een groepsaccommodatie voor twintig mensen. De kamers zijn naast elkaar gebouwd en hebben eigen sanitair. Net als in een Amerikaans motel staan ze enkel buitenom, via de veranda, met elkaar in verbinding. Uiteraard zijn de interieurs geheel in stijl, met houten meubelen die voor het grootste deel door Jan Entjes zelf zijn vervaardigd.
Wat aanvankelijk schuur en tijdelijk woonhuis van Jan en Henny en hun twee zoons was, is later verbouwd tot een sfeervolle recreatieruimte met bar en zithoekjes voor de groep. De groepsaccommodatie is inmiddels uitgebreid van 20 naar 28 slaapplaatsen.
Op elke slaapkamer is sanitair aanwezig. Naast het nieuwe woonhuis van de familie Entjes vinden we dan nog een historisch gebouwde Amerikaanse blokhut door Entjes en zijn vrouw zelf op ambachtelijke wijze gebouwd. De blokhut wordt gewoon als appartement verhuurd, los van de groep.
Om de beleving gedurende het verblijf te versterken kunnen de gasten de ’Western games’ boeken met onderdelen als, hoefijzerwerpen, lassogooien en spijkerslaan. De avond op de ranch wordt veelal afgesloten met een kampvuur.